Als ik deze ochtend opsta, gaat het allesbehalve soepel. Ik loop niet naar de WC, maar ik ga er in strompelpas heen. Mijn voet doet nog steeds zeer. Wat nu? Niet te veel nadenken en doorgaan. Dat we vandaag rustig aan zouden doen, hebben we gisteren al besloten. Alleen hebben we nog niet besloten hoe rustig aan.
Want ook al noemen we onze jaarlijkse trip naar het Zwarte Woud vakantie, stiekem is het gewoon een trainingsstage voor onze jaarlijkse reis. We weten na twee weken vakantie hier, precies waar we staan. Hoe we onze reis dienen te gaan plannen. Waar we rekening mee moeten houden. Maar een ding is zeker. Als we op reis zijn, hebben we geen tijd om een dagje niets te doen. Want we moeten door. Door naar de volgende slaapplaats.
Dus dat we vandaag iets gaan doen, dat staat buiten kijf. We zoeken een korte wandeling uit van ongeveer 6 kilometer. Die is wel op anderhalf uur rijden van huis vandaan. Maar dat maakt niets uit. Veel meer wandelen is te hoog gegrepen vandaag. Dat is één ding dat zeker is.
We maken een koffiestop in Bad Herrenalb. Daarna is het nog een goed kwartier rijden naar de parkeerplaats van de wandeling. We beginnen aan de wandeling, en naarmate de meters onder de voeten doorglijden, gaat het lopen beter. Het strompelen van deze ochtend is al geruime tijd voorbij. Maar heel soepel ging het lopen nog niet. Als we een kilometer hebben gewandeld heb ik nagenoeg nergens meer last van. Mijn voet is nog gevoelig. Maar ook niet meer dan dat.
De wandeling op zich is niet heel bijzonder. Al weet hij zo nu en dan wel te verrassen met een enorme rotspartij midden in het bos. Bijzonder dat deze hier zijn, want de omgeving is nagenoeg vlak. Bij de tweede rotspartij die we passeren is een cache verstopt. Het gaat zo goed dat ik vol zelfvertrouwen de cache ga zoeken. Deze ligt op een metertje of vier hoogte volgens de beschrijving. Ook staat in de beschrijving te lezen dat het niet moeilijk is om de cache te bereiken. Het is wel een beetje klimmen en klauteren, maar niet heel erg inspannend of iets dergelijks. Als ik deze cache heb gevonden wandelen we verder.
Onderweg eten we een broodje uit de hand. Verrassende dingen komen we niet meer tegen tijdens de wandeling. Na een kilometer of vijf te hebben gelopen, vind ik het eigenlijk wel genoeg. het is ons nu duidelijk dat we als backup voor tijdens de reis in september, elke dag een wandeling van maximaal 5 kilometer moeten inplannen. Enkel voor het geval er een dag is dat we het rustig aan moeten doen.
De laatste kilometer terug richting de auto verloopt zonder problemen. Vlak bij de parkeerplaats vinden we de cache. Na het loggen stappen we in en rijden richting Bühl. Daar is een cache die we vorig jaar hebben gewandeld, maar toen verdwenen was. Hij is nu verplaatst naar een andere locatie, maar de legger van de cache was zo vriendelijk om de nieuwe locatie aan ons door te geven nadat we hem vorige week een berichtje hebben gestuurd.
Als we de auto geparkeerd hebben in Bühl, gaan we eerst weer wat drinken. Daarna wandelen we naar de cache. De eerste meters heb ik weer opstartproblemen, maar naarmate we verder komen, gaat het lopen steeds soepeler. We vinden een enorme cache. Zeker de moeite waard om voor terug te komen. Als we terug zijn bij de auto, is het tijd om nog wat boodschappen te gaan doen.
Na de boodschappen, besluit ik een omweg te maken. Marieke is immers dol op Schnapsbrünnen. En die heeft ze deze vakantie nog geen enkele bezocht. We stoppen bij de Schnapsbrünnen en pakken wat te drinken. Ik een Fanta en Marieke wat Schnaps. We gaan op een grote bank zitten. Genieten van het uitzicht en de rust. Dan is het tijd om naar huis te rijden.
Oma komt nog even kletsen. Over ditjes en datjes. En dat een overnachting helaas weer wat duurder is geworden. “Net zoals alles in het leven”, is ons antwoord. Ze vraagt of we volgend jaar nog terug willen komen. “Graag”, zeggen we.
























